vrijdag, mei 24, 2024
Kind

Oppositional Defiant Disorder


Oppositional Defiant Disorder of in het Nederlands Oppositionele opstandige stoornis (ODD) wordt in de DSM-5 vermeld onder Ontwrichtende, impulsbeheersings- en gedragsstoornissen en wordt gedefinieerd als “een patroon van boze/prikkelbare stemming, argumentatief/opstandig gedrag of wraakzucht”.
Dit gedrag is meestal gericht op leeftijdsgenoten, ouders, leraren en andere gezagsdragers.
In tegenstelling tot gedragsstoornis, vertonen mensen met ODD geen patronen van agressie jegens mensen of dieren, vernieling van eigendommen, diefstal of bedrog.
Het heeft bepaalde banden met ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder), en maar liefst de helft van de kinderen met ODD voldoet ook aan de diagnostische criteria voor ADHD.

Geschiedenis

Oppositionele opstandige stoornis werd voor het eerst gedefinieerd in de DSM-III (1980).
Sinds de introductie van ODD als een onafhankelijke aandoening, hebben de veldproeven om de definitie ervan te bepalen voornamelijk mannelijke proefpersonen opgenomen.
Sommige clinici hebben gedebatteerd of de diagnostische criteria klinisch relevant zouden zijn voor gebruik bij vrouwen, en bovendien hebben sommigen zich afgevraagd of geslachtsspecifieke criteria en drempels moeten worden opgenomen.
Bovendien hebben sommige clinici de uitsluiting in twijfel getrokken van ODD wanneer er sprake is van een gedragsstoornis.

Epidemiologie

ODD is een patroon van negatief, opstandig, ongehoorzaam en vijandig gedrag, en het is een van de meest voorkomende stoornissen vanaf de voorschoolse leeftijd tot de volwassenheid.
Dit kan onder meer zijn: frequente driftbuien, buitensporige ruzie met volwassenen, weigeren zich aan regels te houden, anderen opzettelijk van streek maken, snel geïrriteerd raken, een boze houding hebben en wraakzuchtig handelen.
Kinderen met ODD beginnen meestal rond de leeftijd vanc6 tot 8 jaar symptomen te vertonen, hoewel de stoornis ook bij jongere kinderen kan optreden. Deze symptomen kunnen de hele tienerjaren aanhouden.

Tekenen en symptomen

De vierde herziening van de diagnostische en statistische handleiding (DSM-IV-TR) (nu vervangen door DSM-5) stelt dat een persoon vier van de acht tekenen en symptomen moet vertonen om aan de diagnostische drempel voor ODD te voldoen.


Deze symptomen zijn onder meer:

  • Verliest vaak zijn geduld
  • Is vaak lichtgeraakt of snel geïrriteerd
  • Is vaak boos en verontwaardigd
  • Maakt vaak ruzie met gezagsdragers of, voor kinderen en adolescenten, met volwassenen
  • Daagt vaak actief uit of weigert te voldoen aan verzoeken van gezagsdragers of aan regels
  • Irriteert vaak anderen opzettelijk
  • Geeft anderen vaak de schuld van hun fouten of wangedrag
  • Is in de afgelopen zes maanden minstens twee keer hatelijk of wraakzuchtig geweest

Deze gedragingen zijn meestal gericht op een gezagsdrager, zoals een leraar of een ouder.
Hoewel dit gedrag typisch kan zijn bij broers en zussen. Moeten ze bij andere personen dan broers en zussen worden geobserveerd voor een ODD-diagnose.
Kinderen met ODD kunnen verbaal agressief zijn.
Ze vertonen echter geen fysieke agressiviteit, een gedrag dat wordt waargenomen bij gedragsstoornissen.

Oorzaak?

Er is nog geen specifiek element waarvan is vastgesteld dat het rechtstreeks ODD veroorzaakt.
Onderzoek naar de factoren die verband houden met ODD is beperkt.
De literatuur onderzoekt vaak veelvoorkomende risicofactoren die verband houden met al het storende gedrag, in plaats van specifiek ODD.
Symptomen van ODD worden ook vaak verondersteld hetzelfde te zijn als CD, ook al hebben de stoornissen hun eigen respectievelijke reeks symptomen.
Als we kijken naar storend gedrag zoals ODD, heeft onderzoek aangetoond dat de oorzaken van gedrag multifactorieel zijn.
Er is echter vastgesteld dat storend gedrag grotendeels te wijten is aan biologische of omgevingsfactoren.

Voor meer informatie over ODD kun je op de wiki-pagina verder lezen.