vrijdag, mei 24, 2024
LeerkrachtenOnderwijs

Taakbeleid


In een taakbeleid wordt opgesteld wat de werkzaamheden zijn in het onderwijs en hoe deze worden verdeeld binnen een school.

Cao verplichting

De Cao PO verplicht scholen om een taakbeleid te maken voor het hele team. Hierin worden afspraken gemaakt over de werkzaamheden die moeten worden uitgevoerd en wie die werkzaamheden gaan uitvoeren.
Hierbij wordt rekening gehouden met de beschikbare mensen binnen een formatie en of er de mogelijkheid is om de taken uit te voeren.

Taakbeleid is erop gericht de werkdruk te verminderen en te spreiden. In iedere schoolorganisatie wordt een professionele cultuur nagestreefd waarbij de werknemers optimaal samenwerken aan het realiseren van de doelen van de organisatie.
Iedere professional neemt verantwoordelijkheid voor de eigen taken en legt daarover verantwoording af aan de leidinggevende.

Doel van het beleid

Het doel van het taakbeleid is:

  • Het bereiken van onderwijskundige, strategische en organisatorische doelen.
  • De juiste persoon op de juiste plaats inroosteren.
  • Het werk binnen de school evenredig verdelen.

Het doel van het bovenschools taakbeleid is:

  • Kaders scheppen voor alle scholen en alle personeelsleden.
  • Duidelijkheid scheppen aan alle personeelsleden over hetgeen (minimaal) verwacht wordt.
  • De eenduidige toepassing van taakbeleid.
  • Een evenwichtige en eenduidige verdeling van taken over de beschikbare personeelsleden.
  • Duidelijkheid bieden aan alle personeelsleden over de uniformiteit in de begrippen van het
    taakbeleid.
  • Een duidelijke en eenduidige bepaling van werktijdfactoren en de vaststelling van taken, die
    afhankelijk van de functie(categorie) lesuren, lesgebonden uren, professionalisering en
    overige uren kunnen omvatten.
  • Afspraken over de aanwezigheid van personeelsleden maken.

De aspecten van het beleid

Het taakbeleid kent vier aspecten:

  1. De afstemming van het totale takenpakket, de beschikbare financiën en de personeelsformatie op elkaar; dit is de taakomvang.
  2. De evenwichtige verdeling van het takenpakket van de school over de functies en de personeelsleden; dit is de taakverdeling
  3. Het verbeteren van de werksfeer en het verminderen van de ervaren werklast; dit is de taakbelasting
  4. De zorg voor elk personeelslid; dit is de belastbaarheid.

Uitgangspunten

Bij het opstellen van het taakbeleid zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

  • het taakbeleid voldoet aan de wet- en regelgeving;
  • het taakbeleid is kaderstellend (met duidelijke kaders op bovenschools niveau, schoolniveau en individueel niveau).
  • het taakbeleid geldt voor alle personeelsleden die werkzaam zijn binnen de organisatie.
  • er wordt rekening gehouden met specifieke doelgroepen, zoals starters en oudere werknemers.
  • het taakbeleid dient een bijdrage te leveren aan een goede balans tussen werk en privé.
  • het zwaartepunt voor het taakbeleid ligt op schoolniveau.
  • de scholen maken afspraken over de aanwezigheid van het personeelslid voor de tijden van de lesgevende taak en buiten de lesgevende taak (zoals aanwezigheid bij vergaderingen, studiedagen, werkgroepen of speciale taken).
  • wanneer er teveel taken zijn binnen de school of het team ten opzichte van de beschikbare uren, dienen er keuzes ten aanzien van de taken gemaakt worden.
  • personeelsleden hebben als werktijdfactor maximaal 1,0000, dus werken 40 uur per week (alleen in uitzonderlijke gevallen kan hiervan door de directeur worden afgeweken na overleg met de bestuurder).
  • voor parttimers gelden alle berekeningen naar rato van de werktijdfactor.

Twee modellen voor het beleid

Binnen de cao PO zijn er twee modellen beschikbaar waarbinnen het taakbeleid vorm gegeven kan worden.

Het eerste model is het basismodel. Dat is het meest vergelijkbaar met de eerdere situatie. Binnen de normjaartaak van 1659 geeft een medewerker in principe 930 uur les. Meer of minder lessentaak is in overleg. Daarnaast wordt er een opslagfactor gekozen voor voor- en nawerk.

Het tweede model heet het overlegmodel. Er wordt gekeken naar alle werkzaamheden op schoolniveau en deze worden “in overleg” toebedeeld binnen de normjaartaak van 1659 klokuren.
Er is individuele differentiatie mogelijk met betrekking tot de lessentaak, maar ook voor het voor- en nawerk (opslagfactor tussen 35-45%). Dit is vastgelegd in het uitwerkingsplan en vraagt instemming van zowel de PMR als de meerderheid van het team. Indien geen instemming dan geldt het basismodel.

Arbeidsduur en normjaartaak

Over de normjaartaak zijn een aantal zaken vastgelegd in de cao PO, waar elke werkgever zich aan moet houden.

  • De algemene arbeidsduur van het personeelslid die is aangesteld in een volledige normbetrekking, bedraagt 1659 uur op jaarbasis, 40 uur per week. De benoemingsomvang wordt uitgedrukt in uren. Voor berekeningen wordt er ook gebruik gemaakt van de werktijdfactor (wtf), waarbij fulltime wtf 1 is.
  • Deze algemene arbeidsduur of normjaartaak geldt voor iedereen binnen het onderwijs.
  • De maximale lessentaak bij een normbetrekking bedraagt in de regel 930 uur voor werknemers die belast zijn met lesgevende en/of behandeltaken. In de regel, want in het kader van de flexibilisering van de lessentaak is het mogelijk in bepaalde situaties meer of minder lesgevende uren toegekend te krijgen, mits de totale jaartaak maar 1659 uur blijft.
  • In de cao PO is bepaald, dat voor alle werknemers binnen de normjaartaak 83 uur voor individuele professionalisering en 40 uur voor duurzame inzetbaarheid wordt aangemerkt.
  • De werkgever maakt jaarlijks voorafgaand aan het schooljaar met de individuele werknemer afspraken over de invulling van de (norm)jaartaak en legt deze afspraken schriftelijk vast.

Taaknormering

De normjaartaak van iemand die fulltime werkt als onderwijsgevende bestaat uit lesgevende taken, overige taken, professionalisering en duurzame inzetbaarheid. De lesgevende taak bestaat uit 930 uur, de overige taak uit 606 uur en uren voor individuele professionalisering en duurzame inzetbaarheid (83+ 40 uur) voor 123 uur van de totale normjaartaak.

Lesgevende taken en behandeltaken

Onder lesgevende taken wordt verstaan:

  • het geven van (groeps-)onderwijs.
  • Het geven van vakonderwijs.

Onder behandelende taken wordt verstaan:

  • Het therapeutisch behandelen van leerlingen, groepsgewijs of individueel.

Lesgebonden taken

De lesgebonden taken betreffen alle taken die voortvloeien uit het lesgeven (behalve het lesgeven zelf). Binnen het bestuur kan er per school onderscheidt worden gemaakt.

Onder de lesgebonden taken wordt in ieder geval verstaan:

  • Het voorbereiden van lessen en werkzaamheden.
  • Plannen van de opzet van de lessen en onderwijskundige activiteiten
  • Opstellen van een dag-, week-, jaarplanning en roosters
  • Overleg met
    – individuele leerlingen.
    – ouders (w.o. besprekingen over het handelingsplan, rapportbesprekingen, huisbezoeken).
    – collega’s over (de ontwikkeling van) de leerlingen.
  • (team)Vergaderingen, bouwoverleg.
  • Collegiaal overleg.
  • Overleg tussen beide personeelsleden van een groep.
  • Verzorgen van informatieavonden betreffende de groep.
  • Overleg voeren in verband met gezamenlijke activiteiten.
  • Voorbereiden van extra hulp en begeleiding.
  • Overleg met externe deskundigen over leerlingen, de groep of het eigen functioneren.
  • Overleg met collega’s over de overdracht van de groep.
  • Begeleiding van leerlingen tijdens de lunchpauze.
  • Het maken van handelingsplannen.
  • Het vervaardigen van materiaal.
  • Het corrigeren van het werk van de leerlingen.
  • Rapporteren en vastleggen van resultaten en relevante gegevens van de vorderingen van de leerlingen en de groep.
  • Analyseren leerlingenwerk en toetsen en vastleggen van resultaten.
  • Het maken van rapportages.
  • Overleg met intern begeleider of ambulant begeleider.
  • Overleg met teamleider of bouwcoördinator.
  • Overleg voeren in verband met de aansluiting/overdracht van de groep.
  • Op orde houden van het lokaal en aangrenzende deel van het schoolgebouw, t.w. gang, toiletten, (buiten)deuren, verlichting en beveiliging.
  • Het dagelijks bijhouden van het klassenmap/logboek.
  • Het begeleiden van stagiaires.
  • Voorafgaand aan de les in de klas aanwezig zijn.
  • Taxiwacht.
  • Pleinwacht.

Schooltaken

De directeur van de school of de direct leidinggevende maakt met iedere werknemer afspraken over de inzet voor de lesgevende taak (het lesrooster). De lesgebonden taken vloeien hieruit voort.
Het deel van de overige taken dat overblijft, wordt door de werknemer aan schooltaken besteed, oftewel aan al die andere taken op school die uitgevoerd moeten worden maar niet direct zijn gerelateerd aan het lesgeven. De scholen bepalen zelf per jaar welke schooltaken zij doen en leggen dit vast in het taakoverzicht van de school.

Schooltaken zijn bijvoorbeeld:

  • De organisatie van activiteiten.
  • Deelname aan projecten of commissies.
  • Werkzaamheden voor de medezeggenschapsraad.

In de CAO staat de onderstaande normering van toe te kennen uren vermeld voor het lidmaatschap aan personeelsdeel van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad (PGMR) of de ondersteuningsplanraad.

  • MR (CAO PO) 60 uur
  • GMR (CAO PO) 60 uur
  • PMR en PGMR (CAO PO) 100 uur (totaal)
  • OPR (ondersteuningsplanraad) 60 uur

Tot de andere taken behoren ook:

  • Het verrichten van werkzaamheden als bouwcoördinator.
  • Het verrichten van managementtaken.
  • Het verrichten van werkzaamheden als intern begeleider.
  • Het verrichten van werkzaamheden als ambulant begeleider.
  • Het verrichten van werkzaamheden als coördinator ICT.
  • Deze werkzaamheden kunnen de volledige jaartaak omvatten.

Wanneer het aantal benodigde uren voor de schooltaken groter is dan het beschikbare aantal schooluren, moeten er keuzen gemaakt worden.
Niet alle taken kunnen dan uitgevoerd worden.
De directeur of direct leidinggevende bepaalt in overleg met het personeelslid voorafgaand aan het schooljaar welke taken in deze uren worden opgedragen, eventueel in samenspraak met het team.
Bij het toedelen van taken kan eveneens ruimte zijn om onvoorziene taken gedurende het jaar toe te delen.