vrijdag, september 11, 2026
Pedagogiek

DSM


DSM staat voor Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, ofwel het Diagnostisch en statistisch handboek voor psychische stoornissen.
Dit classificatiesysteem helpt psychiaters, psychologen en andere zorgprofessionals wereldwijd bij het diagnosticeren en classificeren van psychische stoornissen.
De American Psychiatric Association (APA) geeft het handboek uit. Momenteel gebruiken professionals de vijfde editie , met een geüpdatete versie: DSM-5-TR.

Gebruik van

  • Psychiatrie en geestelijke gezondheidszorg: Professionals in de psychiatrie en geestelijke gezondheidszorg, zoals psychiaters, klinisch psychologen en psychotherapeuten, gebruiken de DSM als standaard voor diagnostiek, zowel in Nederland als internationaal.
  • Verzekeringen en onderzoek: Zorgverzekeraars en wetenschappers passen DSM-criteria toe voor vergoedingen en onderzoek.

Gebruik in het basisonderwijs?

  • Nee, niet direct: Het is niet bedoeld voor het basisonderwijs. Het is een gespecialiseerd instrument voor professionals in de geestelijke gezondheidszorg.
  • Indirecte rol: Leerkrachten of schoolpsychologen kunnen gedrags- of leerproblemen signaleren. Bij vermoedens van psychische problemen verwijzen zij een kind door naar een specialist, zoals een jeugdpsycholoog of orthopedagoog. Deze specialisten gebruiken DSM-criteria voor verdere diagnostiek.

Wie gebruikt het in Nederland?

  • Psychiaters (kinder- en volwassenpsychiaters)
  • Klinisch psychologen en GZ-psychologen
  • Orthopedagogen (voor diagnostiek bij kinderen/jongeren)
  • Psychotherapeuten en agogen (bijv. in de GGZ)
  • Jeugdzorgprofessionals (bijv. bij jeugd-GGZ-instellingen)